Ontheffing Wet milieubeheer

Wilt u handelingen verrichten die volgens de Wet milieubeheer verboden zijn? U kunt in bepaalde gevallen een ontheffing aanvragen. U vraagt de ontheffing aan bij de provincie.

U mag geen handelingen verrichten die verboden zijn in de Wet milieubeheer. Onder bepaalde voorwaarden kunt u ontheffing aanvragen voor het verrichten van deze verboden handelingen. Voorbeelden van verboden handelingen zijn:

  • het afgeven van bedrijfsafvalstoffen of gevaarlijke afvalstoffen aan een persoon die daarvoor geen vergunning heeft;
  • het afvoeren van afvalwater of andere afvalstoffen naar een geschikt inzamelingspunt zonder dat aan de gewenste voorwaarden is voldaan;
  • het juist toepassen of verwijderen van verboden gevaarlijke afvalstoffen;
  • het verbranden en/of storten van afvalstoffen buiten een daartoe bestemde inrichting. Bijvoorbeeld het verbranden van aardappelloof of tuinafval.

Voorwaarden:

U kunt een ontheffing aanvragen als de onderstaande voorwaarden van toepassing zijn:

  • milieubescherming is niet in gevaar;
  • het gaat om doeltreffend beheer van afvalstoffen of afvalwater;
  • het gaat niet om gevaarlijke afvalstoffen (deze voorwaarde geldt alleen voor ontheffingen door de provincie).

Ook andere voorwaarden zijn mogelijk. Dit is afhankelijk van uw situatie. Ga voor meer informatie hierover naar de ontheffingverlener.

Aanpak:

Procedure

Op de voorbereiding van de beschikking op de aanvraag om een ontheffing ingevolge artikel 10.63, derde lid Wet milieubeheer is de uniforme openbare voorbereidingsprocedure van afdeling 3.4 Algemene wet bestuursrecht van toepassing. Dit betekent dat er eerst een ontwerpbeschikking tot het al dan niet verlenen van de gevraagde ontheffing wordt opgesteld. Van deze ontwerpbeschikking en de ter inzage legging hiervan wordt een kennisgeving gedaan in de huis-aan-huisbladen. De ontwerpbeschikking ligt gedurende zes weken ter inzage. Een ieder kan tijdens deze zes weken zienswijze(n) over de ontwerpbeschikking naar voren brengen. Vervolgens wordt door gedeputeerde staten een definitieve beschikking genomen. De termijn waarbinnen een besluit op de aanvraag om een ontheffing moet worden genomen is zes maanden.

Contact:

Rechtsmiddelen

Door belanghebbenden kan tegen de beschikking bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State beroep worden ingesteld en bij de Voorzitter van de Afdeling een voorlopige voorziening worden aangevraagd.
De beroepstermijn bedraagt zes weken (deze gaat in op het moment dat de beschikking is bekendgemaakt). De beschikking treedt in werking na afloop van de beroepstermijn (tenzij er een voorlopige voorziening is aangevraagd).
 

Termijn:

U kunt binnen 6 weken bezwaar maken tegen het besluit over uw aanvraag. Bent u het niet eens met de uitspraak? U kunt binnen 6 weken beroep aantekenen bij de rechtbank.

Bezwaar en beroep:

U kunt binnen 6 weken bezwaar maken tegen het besluit over uw aanvraag. Bent u het niet eens met de uitspraak? U kunt binnen 6 weken beroep aantekenen bij de rechtbank.

Wet- en regelgeving: