De Regionale Uitvoeringsdienst (RUD) Zeeland zet zich in voor een schoon en veilig Zeeland. De RUD verleent omgevingsvergunningen aan bedrijven en houdt toezicht en handhaaft op milieuwetten. Dat doet ze in opdracht van en samen met gemeenten, waterschap en Provincie. Per 1 oktober 2019 vindt een reorganisatie plaats bij de milieudienst. Met onderstaande vragen en antwoorden leggen we uit waarom dat gebeurt.

Risicogebied

Zeeland telt tientallen gevaarlijke bedrijven en is daarmee het tweede grootste risicogebied van Nederland. Met de reorganisatie in de milieudienst wordt een stap gezet naar toekomstbestendige en solide organisaties voor een veilig en gezond Zeeland.

Waarom is een reorganisatie nodig?

De RUD controleert nu ook de veiligheid bij bedrijven die vallen onder het Besluit risico’s zware ongevallen (Brzo). Dat zijn bedrijven waar grote hoeveelheden gevaarlijke stoffen zijn. Het Rijk heeft bepaald dat nog maar zes milieudiensten in Nederland Brzo-taken mogen uitvoeren, zodat die meer kennis hebben en meer expertise kunnen opbouwen. Naar aanleiding van dit besluit moeten de Brzo-taken in Zeeland worden uitgevoerd door de DCMR Milieudienst Rijnmond. Het personeel van de RUD dat belast is met deze taken, gaat over naar DCMR. Het gaat om ongeveer twintig personen die werkzaamheden verrichten voor Brzo-bedrijven, dat is ongeveer een vijfde van het personeelsbestand. Voor deze overgang is een reorganisatie bij RUD Zeeland vereist.

Waarom verhuizen de medewerkers niet naar Rijnmond?

De Provincie Zeeland vindt het belangrijk om werkgelegenheid en kennis in Zeeland te houden. Daarom heeft ze zich ervoor ingespannen dat de medewerkers vanuit het RUD kantoor in Terneuzen kunnen blijven werken.

Wat zijn de kosten van de reorganisatie en wie bepaalt dat?

De maximale kosten zijn nu begroot op 2,8 miljoen euro en die zijn bepaald op basis van een onafhankelijk onderzoek dat de RUD heeft laten uitvoeren. KPMG heeft een inventarisatie gemaakt van alle mogelijke kosten die kunnen optreden in het proces om de Brzo-taken over te hevelen van RUD Zeeland naar DCMR. KPMG heeft in haar rapport de maximale kosten voor de Provincie berekend.

Waar bestaan die kosten uit?

Van de 2,8 miljoen gaat 1,7 miljoen euro naar de RUD. De RUD factureert per activiteit, per uur, per medewerker. Daarin zitten veel overheadkosten en contracten die over langere tijd afgebouwd moeten worden waarvan de kosten doorlopen. Overige kosten bestaan onder meer uit een sociaal plan en zaken als aanpassingen in ICT en inwerken van personeel met nieuwe systemen en werkwijzen.

Waarom moet de Provincie de kosten betalen?

We volgen de uitgangspunten van de gemeenschappelijke regeling RUD Zeeland daarvoor: die zegt dat de partij die taken vermindert ook frictiekosten betaalt. Het gaat hier om de bedrijven die onder de bevoegdheid en het werkveld van de Provincie. Daarom is het de verantwoordelijkheid van de Provincie. 

Gaat de Provincie alle kosten betalen?

KPMG heeft in haar rapport de maximale kosten voor de Provincie berekend. De kosten zijn in beeld gebracht op basis van redelijkheid. De hoogte van die kosten zijn waar mogelijk uitgerekend of anders vastgesteld op gangbare bedragen. Gedeputeerde Staten hebben Provinciale Staten gevraagd om dit bedrag vrij te maken. Zo kan de rekening zeker niet hoger uitvallen.

Het voorstel van Gedeputeerde Staten wordt op 30 augustus 2019 besproken in de commissievergadering. Op 20 september 2019 beslissen Provinciale Staten over het voorstel om dit bedrag beschikbaar te stellen.