In het Omgevingsplan beschrijft de Provincie wat zij doet om Zeeland op het gebied van ruimte, milieu en water vooruit te helpen. In 2015 en 2018 is bekeken hoever het staat met de uitvoering. Die beoordeling is de Omgevingsbalans.

De Provincie gebruikt de Omgevingsbalans om na te gaan of gestelde doelen zijn behaald, om te leren van successen en tegenslagen en om te bezien of het plan moet worden bijgesteld.

De Omgevingsbelans uit 2015 bestaat uit een hoofdrapport en een achtergrondrapport. Het hoofdrapport is kort en samenvattend. Het achtergrondrapport is uitgebreider en geeft een overzicht van de stand van zaken van alle onderdelen van het Omgevingsplan.

Bij de Omgevingsbalans 2018 is de keuze gemaakt voor één beknopte rapportage waarin, naast een korte inhoudelijke beschrijving, zoveel mogelijk in tabelvorm informatie wordt verstrekt bij de doelen, indicatoren, acties en prestaties uit het Omgevingsplan.

Het Omgevingsplan Zeeland 2018 bevat het strategisch beleid voor de gehele fysieke leefomgeving en is daarmee inhoudelijk veel breder dan de onderliggende sectorale plannen. Dit is de lijn die in de Omgevingswet wordt gehanteerd en waar wij in het Omgevingsplan 2018 op voorsorteren. Concrete uitvoeringsacties, operationele doelstellingen en indicatoren volgen uit dit beleid, maar zijn niet uitsluitend in het plan zelf opgenomen. Deze worden in verschillende sectorale en integrale uitvoeringsdocumenten aangevuld, uitgewerkt en vastgelegd.
Dit heeft consequenties voor de wijze waarop het beleid wordt gemonitord en geëvalueerd. Zoals in de Omgevingsbalans 2018 is geconstateerd, is een visionair doel, een gewenst maatschappelijk effect of een strategisch doel meestal abstract geformuleerd. Deze doelen of effecten zijn vaak niet meetbaar (er zijn geen indicatoren aan te koppelen). Dit betekent dat bij een hoog abstractieniveau geen harde uitspraken kunnen worden gedaan over het feitelijke doelbereik. Dat is alleen mogelijk voor operationele / uitvoeringsdoelen en acties met een SMART formulering met heldere indicatoren.
Gedetailleerde evaluatie van het beleid kan daarom niet enkel op basis van het Omgevingsplan worden uitgevoerd. Dit is alleen mogelijk op basis van de uitvoeringsacties en indicatoren uit de onderliggende uitvoeringsdocumenten. Omdat de uitvoeringsdocumenten ook de basis zijn voor de programmabegroting, zetten wij in op combineren van de monitoring met de begrotingscyclus.