Door klimaatverandering en intensiever menselijk gebruik wordt de  beschikbaarheid van zoet water steeds belangrijker. Ook toenemende extreme neerslag vormt een uitdaging en maakt waterbeheer complex.

De rijksoverheid vindt dat waterbeheer in direct overleg met watergebruikers moet worden vormgegeven. Regionale overheden gaan daarom onder de noemer Waterbeschikbaarheid in overleg met de verschillende watergebruikers om samen met hen een analyse uit te voeren van de regionale zoetwatersituatie. De aanpak daarvoor wordt onderverdeeld in drie fasen: transparantie, optimalisatie en afspraken.

Zoetwaterbeleid in Zeeland

Water en Zeeland horen bij elkaar. Water is in Zeeland nooit ver weg. Slechts een klein deel van het oppervlaktewater is zoet, terwijl dat voor menselijk gebruik juist het belangrijkst is. Daarnaast bestaat de ondergrond voor ongeveer een derde uit water, overwegend zout, maar op sommige plaatsen ook zoet. Dit water zien we niet, maar het bepaalt wel degelijk mede de zoetwatersituatie van een gebied. Net als het gebruik van zoet water. Daarom gebruiken we de term zoetwatersituatie.

Het provinciale zoetwaterbeleid is erop gericht een eigen sluitende zoetwaterbalans te hebben. Mogelijkheden om de beschikbaarheid te vergroten en de behoefte te verminderen worden verkend. De fase daarna, waarin hopelijk beproefde bruikbare concepten worden uitgerold, is gereserveerd voor de tweede fase van het deltaprogramma van 2021 tot 2028. De focus op zelfvoorzienendheid betekent dat er niet wordt gemikt op extra aanvoer van elders. De voorzieningen die er zijn, zoals de inlaten langs het Volkerak-Zoommeer en de landbouwwaterleiding uit de Biesbosch blijven in stand, maar van uitbreiding is geen sprake.

Eeuwenlang heeft het waterbeheer in Zeeland praktisch volledig in het teken gestaan van het buiten de deur houden van de zee en het afvoeren van overtollig regenwater; waterveiligheid en droge voeten hadden de prioriteit. Gaandeweg is daar het vasthouden van zoet water bijgekomen en in sommige gevallen ook het aanvoeren van extern water. Dit om tekorten in perioden van droogte het hoofd te bieden.

Bijeenkomsten over waterbeschikbaarheid

Watertekort en -teveel spelen dus naast elkaar in hetzelfde gebied en dat maakt het beheer ingewikkelder. Daar komt bij dat watergebruikers meer dan in het verleden over eigen deskundigheid beschikken. Om die reden worden de verschillende watergebruikers uitgenodigd om samen met de overheden een analyse uit te voeren van de regionale zoetwatersituatie en te zien of er maatregelen gewenst zijn om die situatie te verbeteren. We volgen hiervoor de landelijke aanpak:

  • Transparantie 
    In deze eerste fase ligt de nadruk op het met elkaar analyseren van de regionale zoetwatersituatie. Hoe is die nu en hoe gaat deze zich ontwikkelen wanneer we rekening houden met klimaatverandering en veranderend gebruik?
  • Optimalisatie
    In deze fase ligt de nadruk op de mogelijke maatregelen die getroffen kunnen worden om de zoetwatersituatie robuuster te maken.
  • Afspraken
    De ontmoetingen tussen gebruikers en overheden over Waterbeschikbaarheid hebben geen vrijblijvend karakter. In 2021 moeten er in alle regio’s afspraken gemaakt zijn tussen overheden en gebruikers over de waterbeschikbaarheid zodat beide partijen weten waar ze vanuit kunnen gaan. Zo wordt er handelingsperspectief geboden.

Het proces Waterbeschikbaarheid wordt in onze provincie in vier deelgebieden doorlopen, nl. (i) Zeeuws-Vlaanderen, (ii) Zuid-Beveland, (iii) Walcheren/Noord-Beveland/Schouwen-Duiveland en (iv) Tholen en Sint-Philipsland en de Reigersbergsche polder. Dit laatste deelgebied onderscheidt zich van de overige gebieden in de zin dat het een grootschalige externe zoetwateraanvoer kent. Het proces is er echter vooralsnog niet opgestart wegens de aangevochten retributieregeling voor de zoetwateraanvoer. De rechtszaak daarover maakt de toekomstige zoetwaterreferentie onzeker waardoor het gesprek over die toekomst wordt uitgesteld tot het moment dat er duidelijkheid bestaat over de retributieregeling.

Waterbeschikbaarheid is in de andere deelgebieden van start gegaan in januari-maart 2017 en in februari 2018 is een tweede serie informatieavonden georganiseerd. De presentaties bij en de verslagen van deze avonden vindt u onderaan deze pagina. Het aantal bijeenkomsten dat nodig is om dit proces te doorlopen is niet hard vastgelegd; de praktijk zal uitwijzen hoeveel er nodig zijn. In de praktijk blijken de informatieavonden aanleiding voor het verkennen van ideeën van eindgebruikers over optimalisaties in hun lokale zoetwatersituatie. Zo is de zoetwatersituatie van de toekomst meer en meer onderwerp van gesprek tussen overheden en eindgebruikers en neemt het bewustzijn over het onderwerp toe. Tot welke afspraken dit zal leiden is vooralsnog lastig te voorspellen, maar door het gesprek alleen al heeft het doorlopen van het proces meerwaarde.

Iedereen die naar aanleiding van het bovenstaande of van de presentaties/verslagen zelf ideeën heeft voor nadere verkenningen van de lokale zoetwatersituatie, kan contact opnemen met provincie en/of waterschap via waterbeschikbaarheid@zeeland.nl. Daarmee is nadrukkelijk niet gezegd dat elk idee tot een verkenning zal leiden (wellicht zelfs weinig), maar wel dat de ideeën op hun kansrijkheid zullen worden beoordeeld en u een reactie ontvangt op uw bericht. Zo werken we gezamenlijk ook los van de bijeenkomsten verder in de geest van Waterbeschikbaarheid.