Versterking van de kust

Al in 2013 begon het afgraven van de voormalige akkers in het projectgebied. De grond die daarbij vrij kwam is gebruikt voor de versterking van de kust. In het kader van het tweede Hoogwaterbeschermingsprogramma werd de kust ter hoogte van Waterdunen aangewezen als een van tien Zwakke Schakels. Dit betekende dat de zeewering tussen ‘t Killetje en het Zandertje niet bestand zou zijn tegen een superstorm

Headerfoto versterking kust Waterdunen

Aanleggen klimaatduin

Omdat er voor de kust in de Westerschelde een diepe getijdengeul ligt, kon de dijk er niet zeewaarts versterkt worden. Door de sterke stroming zou het aangebrachte materiaal zo weer wegspoelen. Daarom is de zeedijk landinwaarts versterkt met een zogenaamd klimaatduin. Dit duin is maar liefst 300 m breed en het hoogste punt ligt op 18 m. Met een gemiddelde hoogte van 14 m biedt het klimaatduin bescherming voor de komende 200 jaar.

In het totaal is voor de kustversterking circa 1,5 miljoen m³ grond gebruikt en 400.000 m³ zand aangevoerd. Door het afgraven van de klei en grond uit het plangebied ontstonden de eerste geulen en eilanden voor de getijdennatuur. Met het zetten van stuifschermen, inplanten van helmgras en verschillende struiken op het klimaatduin werd begin 2016 de kustversterking afgerond.

Getijdenduiker

Door in de versterkte dijk een zogenaamde getijdenduiker te bouwen, kan zeewater vanuit de Westerschelde gecontroleerd het gebied erachter in en uit stromen. De getijdenduiker is in 2014-2015 in opdracht van de Provincie Zeeland aangelegd door het waterschap Scheldestromen. Ter hoogte van ’t Killetje waar vroeger polderwater werd afgevoerd, liggen nu vier betonnen kokers in de waterkering. Door drie van deze kokers stroomt straks het zeewater in en uit op het ritme van eb en vloed zodat er binnendijks getijdennatuur ontstaat. De vierde koker staat in verbinding met het gemaal dat (zoet) polderwater afvoert uit het achterland van Waterdunen.