“Best een beetje trots op wat we hebben bereikt”

‘Best een beetje trots’, dat is in een notendop hoe Dick van der Velde terugkijkt op de afgelopen zes jaar waarin hij als gedeputeerde voor Zeeland werk maakte van woningbouw. Dick draagt op 6 februari het stokje over aan zijn beoogd opvolger Daniëlle de Clerck. We blikken met Dick terug op de ontwikkeling van het woondossier de afgelopen jaren. 

Dick van der Velde

Dick: “Een ontwikkeling, zo kun je het zeker wel noemen. Het is eigenlijk best een heftig dossier geweest. Toen ik in 2019 aantrad dachten we nog dat er krimp zou zijn en we terughoudend moesten zijn met het bouwen van woningen. Dat is inmiddels echt 180 graden gedraaid. We hebben ons best moeten doen om die kanteling bij het Rijk en gemeenten tussen de oren te krijgen en hebben onze verordening aangepast aan de nieuwe werkelijkheid en ambities. 
Een belangrijke kentering was toen het kabinet afgestapte van de ladder voor stedelijke verduurzaming. We kunnen nu vanuit de Provincie makkelijker regels stellen voor wat gebouwd mag worden. Kort gezegd: is het betaalbaar en grenst het aan bebouwd gebied en niet aan een natuurgebied, dan is er heel veel mogelijk, 

En toen kwam in 2021 de WoonDeal Zeeland, waarin Zeeuwse partijen afspraken om 16.500 huizen te gaan bouwen. Een stuk ambitieuzer dan het ministerie in eerste instantie voor ogen had…

“Ja dat was best een ding om bij alle gemeenten uit te zoeken wat er nou mogelijk is. We zijn ambitieus, maar we wilden geen afspraken maken die we niet na konden komen. Het ministerie had 7.000 huizen voor ogen, maar in Zeeland kwamen we tot een realistische optelsom van 16.500 huizen. Daar zijn we mee aan de slag gegaan en dat loopt vooralsnog op schema. Als het gaat om kwantiteit in ieder geval, qua kwaliteit mag daar nog wel een tandje bij in de zin van meer betaalbare woningen. En dat is wel één van de grootste uitdagingen, het is niet makkelijk om betaalbaar te bouwen. Bouwmaterialen zijn duur en grondprijzen hoog; die businesscase is lastig.
Maar ik prijs me gelukkig dat alle Zeeuwse gemeenten in de houding van aanpakken zitten. De afgelopen jaren hebben we gezien dat we flexibel om kunnen gaan met hobbels zoals stikstof en .”

Is dat optimisme ook de reden dat de ambitie inmiddels voor 2050 is opgeschroefd naar 75.000 woningen?

“Nou dat is niet de reden, maar de wetenschap dat wij en de gemeenten hierachter staan en het feit dat de WoonDeal op schema ligt, sterkt ons wel in het idee dat we de lat een stuk hoger kunnen leggen. En let wel; dat is niet een kwestie van willen, maar het is ook gewoon nodig om de toekomst van Zeeland veilig te stellen. Zo zijn we uitgekomen bij een nieuwe ambitie van 75.000 woningen. Want we hebben meer mensen nodig in Zeeland. We staan voor veel uitdagingen en veranderingen, denk aan en de mogelijke komt van kerncentrales en verduurzaming van de industrie. De beroepsbevolking gaat groeien; het werk is of komt er wel maar de nieuwkomers moeten ook kunnen wonen. En die extra mensen zijn ook nodig om onze voorzieningen op pijl te houden. Voor een supermarkt of huisarts in de buurt heb je nu eenmaal bepaalde aantallen inwoners nodig om ze hier te hebben én houden.”

Wat kan de Provincie doen om de woningbouw te ?

“We hebben serieuze instrumenten. Denk aan de HELP-regeling (Hergebruik Leegstaande Panden), dat vind ik een hele sympathieke regeling. Je knapt leegstaande of verloederde panden op; dat is sowieso winst voor de omgeving. Maar nog belangrijker: je hoeft er ook geen kostbare grond voor te gebruiken maar je creëert wel woningen. Hetzelfde geldt voor de Gebiedsgerichte Aanpak Wonen, ook daar knapt de hele omgeving van op. En we hebben een regeling waar gemeenten gebruik van kunnen maken die snel extra capaciteit of expertise nodig hebben om plannen vlot te trekken. Ook bij de Provincie hebben we de ambtelijke capaciteit versterkt. Ja als ik dit allemaal zo op noem, dan hebben we de afgelopen jaren veel bereikt waar ik best een beetje trots op ben.”

Tot slot, wat zou anders of beter kunnen? Of beter gezegd: wat zou jij je opvolger meegeven?

“Nou er gebeurt een hoop en de neuzen staan dezelfde kant op, dat is een goede uitgangspositie. Maar met de huidige grondprijzen zijn businesscases moeilijk rond te krijgen, want gemeenten hebben het financieel al lastig. En vooral woningcorporaties moeten wel betaalbaar kunnen bouwen. En áls er dan een locatie in beeld is, volgen nog ellenlange procedures, ik hoop dat het Rijk die regelgeving kan versnellen of beperken. Het is uiteraard iedereens goed recht om te maken, maar het is wel zuur voor al die mensen die hard op zoek zijn naar een huis: zij kunnen hun stem nergens laten horen. Ik vind: denk ook aan je kinderen of kleinkinderen; je hoopt toch ook dat als zij in Zeeland willen blijven, ze ook een eigen plekje kunnen krijgen?
En ook niet onbelangrijk zijn de nuts-aansluitingen. Netcongestie vormt nu nog geen probleem voor woningbouw in Zeeland, maar dat blijft misschien niet zo. Dus ga ook meer rekening houden in je locatiekeuze, dat je kiest voor locaties waar die zaken makkelijker te regelen zijn. Maar, en dat is het advies voor alle uitdagende onderwerpen in deze portefeuille: wat het meest helpt, is gewoon volhouden.”